|
Rothenburg ob der Tauber (Beieren). 11.600 inwoners
Rothenburg, gelegen aan de toeristische route die Romantische Strasse wordt
genoemd, is een gaaf bewaard gebleven middeleeuws stadje dat in de 19de eeuw
werd `ontdekt' en sedertdien een toeristische trekpleister van de eerste orde
is. Op de plaats waar thans de Burggarten ligt, liet de graaf van Rothenburg -
Comburg omstreeks 970 een burcht bouwen. Hiervan rest slechts de romantische
Burgtor. Koenraad III von Hohenstaufen, die het bezit erfde, liet de burcht in
1142 ombouwen tot rijksburcht. In de nabijheid hiervan groeide het stadje
Rothenburg, dat in 1274 een Vrije Rijksstad werd. Van 1373 tot 1408 was Heinrich
Toppier hier burgemeester. Hij was het die het stadje groot aanzien en welstand
verschafte en het grondgebied aanzienlijk wist te vermeerderen. Zijn
`weekendhuis', het Topplerschlösschen, in 1388 bij de rivier gebouwd, is als
museum toegankelijk. Toppler haalde zich echter het wantrouwen van de stadsraad
op de hals, werd in 1408 gevangengenomen en in het geheim in een kelder onder
het raadhuis vermoord. In de 16de eeuw ging het met Rothenburg bergafwaarts. In
1631 veroverde de keizerlijke veldheer Tilly de protestantse stad. Uit woede
over de tegenstand die hij had ondervonden, dreigde hij vier leden van de raad
te vermoorden en de stad te verwoesten. Naar de overlevering wil, zou hij echter
hebben toegezegd genadig te zullen zijn als de burgemeester, die hem de
welkomstdrank aanreikte, een bokaal met 3,25 liter wijn in één slok zou leegdrinken.
Burgemeester Nusch slaagde erin deze Meistertrunk te volbrengen en redde hiermee
de stad. In de Keizerzaal van het raadhuis wordt jaarlijks, sinds 1881, het spel
`Der Meistertrunk' opgevoerd.
In 1802 kwam Rothenburg aan Beieren. Rothenburg
met zijn schilderachtige (vakwerk)huizen is nog omgeven door de stadsmuur met
weergang, die van 13501380 werd gebouwd. De weergang, tussen Spitalbastei (een
bolwerk met 7 poorten achter elkaar, elk met een valhek) in het zuidoosten en de
Klingentorbastei in het noordwesten, leent zich uitstekend voor een wandeling;
hierbij passeert men 12 torens en 2 poorten, de Rödertor en de Würzburgtor. Van
de Rödertor, met vlak daarbij de schilderachtige oude smidse, loopt de
Rödergasse naar de Röderbogen, die evenals de nabije Markusturm nog dateert uit
de tijd van de eerste -stadsversterking (begin 13de eeuw). Aan de Marktplatz
liggen onder meer het fraaie raadhuis en de Ratstrinkstube (1446) met een
beroemd uurwerk, waaruit op gezette tijden poppen naar voren komen die de 'Meistertrunk'
uitbeelden.
Op de markt de St. Georgs- of Herterichsbrunnen, een fontein die in
1608 haar laat-renaissance-uiterlijk kreeg. Een van de pittoreskste plekjes in
Rothenburg is het pleintje Plönlein, met links de Siebersturm. Rechts voert de
weg naar de Kobolzeller Tor (1360-1370). De Kobolzellerkirche, bij de rivier
gelegen, dateert uit 1472-1479. Aan de Obere Schmiedgasse staat een van de
mooiste woonhuizen van de stad, het Baumeisterhaus met binnenhof, door
stadsbouwmeester Leonhard Weidmann in 1596 voorzien van een schitterende
renaissancegevel. Fraaie patriciërshuizen met binnenhoven zijn ook te vinden in
de Herrengasse, die van de markt naar de Burgtor loopt; vooral de nummers 11, 15
en 18 zijn bezienswaardig. Tot slot zij gewezen op de twee verdiepingen tellende
brug over de Tauber, die oorspronkelijk uit 1330 dateert.
St. Jakobskirche. De kerk, in de huidige vorm uit de 14de-15de eeuw, is
belangrijk vanwege twee beroemde altaren: het Heilig-Blut-Altar (1501-1504), een
meesterwerk van de beeldhouwer Tilmann Riemenschneider, met in het midden het
Laatste Avondmaal en op de zijvleugels in reliëf de Intocht in Jeruzalem
respectievelijk de Hof van Olijven, en het Zwölf-Boten-Altar, uit 1466, genoemd
naar de afbeelding van de zending van de apostelen op de predella. Het in hout
gesneden middenstuk is misschien vervaardigd door Hans Multscher. De zijvleugels
zijn beschilderd door Friedrich Herlin: aan de voorzijden het leven van Maria,
aan de achterzijden de legende van de H. Jacobus uitbeeldend. De glasramen
dateren uit midden en eind 14de eeuw. Voorts een schilderij van Michael Wolgemut
(1434-1519), de zweetdoek van Veronica, en een Maria van Herlin.
Franziskanerkirche (Herrengasse). De drieschepige kerk werd in 1309
gewijd. Een stenen doksaal (laat-gotisch) scheidt, koor en schip. Van de altaren
in de vijf kapellen is alleen het Franciscusaltaar (ca. 1490) bewaard gebleven.
Belangrijke grafmonumenten.
Raadhuis. Dit bestaat uit drie aaneengesloten delen, een gotisch deel met
een 60 m hoge toren (bekroning uit 1558), een renaissancedeel met erker uit
1572-1578 en een galerij in barokstijl uit 1681 aan de oostzijde, met een toren
waarin zich een fraaie wenteltrap bevindt. In het gotische deel de strenge
Keizerzaal, daaronder imposante gewelfde ruimten (Historiengewölbe) en daaronder
de folterkamer en drie onderaardse gevangenisruimten. In 1945 werd het raadhuis
zwaar gehavend`
Spital. Het hospitaal werd in 1574-1578 gebouwd; de aan de H. Geest
gewijde kerk kreeg haar huidige vorm in 1591. Zij herbergt waardevolle
kunstwerken. Op de binnenplaats van het hospitaal het Hegereiterhäuschen,
evenals het Spital, gelijktijdig gebouwd door L. Weidmann.
Alt-Rothenburger Handwerkerhaus en Frankisches Heimatmuseum
In een handwerkershuisje uit 1270 wordt een beeld gegeven van het leven in de
middeleeuwen. Kriminal-undFoltermuseum (Burggasse 3). Rechtspleging tussen 1200
en 1800. Reichsstadtmuseum (Klosterhof 5). In het interessante voormalige
dominicanenklooster is Rothenburgse kunst en huisraad te zien. Bijzonder zijn 12
schilderijen, de 'Rothenburger Passion', uit 1494.
Omgeving
Dettwang (2 km N). Evangelische kerk St. Peter und Paul, 10de eeuw. Het
belangrijkste inrichtingsstuk is het uit 1510 daterende Heilig-Kruisaltaar van.
T. Riemenschneider, De reliëfs van de zijvleugels zijn het werk van diens
medewerkers, het middenstuk met de expressieve kruisigingsscène dat van de
meester zelf. Vermelding verdienen voorts twee eind 15de-eeuwse zijaltaren en
een 1lde-eeuws reliekkruis.


|